<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (NISO Z39.96-2019) Journal Publishing DTD v1.2 20190208//EN" "https://jats.nlm.nih.gov/publishing/1.2/JATS-journalpublishing1-mathml3.dtd">
<article dtd-version="1.2" xml:lang="nl" xmlns:mml="http://www.w3.org/1998/Math/MathML" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">tseg</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>The Low Countries Journal of Social and Economic History</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="print">1572-1701</issn>
<issn pub-type="electronic">2468-9068</issn>
<isbn publication-format="print">978 94 6270 311 7</isbn>
<publisher>
<publisher-name>Leuven University Press</publisher-name>
<publisher-loc>Leuven, Belgium</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">tseg.11091</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.52024/tseg.11091</article-id>
<article-categories>
<subj-group>
<subject>Book Reviews</subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Elwin Hofman (red.), <italic>De eeuw van Jan de Lichte. Misdaad, verraad en revolutie in de 18de eeuw</italic> (Antwerpen: Vrij 2020). 160 p. ISBN: 9789460018930.</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>Deseure</surname>
<given-names>Brecht</given-names>
</name>
<aff>King&#x2019;s College London</aff>
</contrib>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="electronic">
<month>12</month>
<year>2021</year>
</pub-date>
<volume>18</volume>
<issue>3</issue>
<fpage>175</fpage>
<lpage>177</lpage>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00a9; Brecht Deseure</copyright-statement>
<copyright-year>2021</copyright-year>
</permissions>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>Vlaamse historische fictie voor het kleine of grote scherm is een zeldzaam ding. In Nederland lijkt het nationale verleden heel wat vaker inspiratie te leveren voor films en televisieseries: van Rembrandt en ik (2011) en De Troon (2010) tot Kenau (2014) en Michiel de Ruyter (2015). In Vlaanderen leidde in recente tijden enkel de honderdste verjaardag van de Eerste Wereldoorlog nog tot een ambitieuze historische tv-reeks (In Vlaamse velden, 2014). De komst van De Bende van Jan de Lichte in 2020 was in dat opzicht dan ook een evenement. De tiendelige serie vertaalde de gelijknamige roman van Louis Paul Boon uit 1957 naar een groots opgezet kostuumdrama waarvoor kosten noch moeite werden gespaard. Over de productie, release en kwaliteit van de serie is heel wat inkt gevloeid in de pers. Hier volstaat het om vast te stellen dat de serie in ieder geval een tijdsperiode onder de aandacht brengt die bij het grote publiek in Belgi&#x00EB; nauwelijks bekendheid geniet, namelijk de Franse bezetting van de Oostenrijkse Nederlanden in het kader van de Oostenrijkse Successieoorlog (1744-1748).</p>
<p>Boon baseerde zich voor zijn roman op de bestaande figuur van de gevreesde Oost-Vlaamse bendeleider Jan de Lichte (1723-1748) maar kneedde hem om tot een romaneske held die weinig te maken had met de historische realiteit: de struikrover en geweldenaar werd onder Boons pen een goedhartige Robin Hood, die niet alleen van de rijken stal om aan de armen te geven maar er ook idealistische idee&#x00EB;n over een egalitaire samenleving op na hield. Ook in de serie dient de achttiende-eeuwse context in de eerste plaats het verhaal en is historische getrouwheid niet het voornaamste doel. Het is de verdienste van Elwin Hofman dat hij een begeleidend publieksboek samenstelde dat nadrukkelijk niet de serie op &#x2018;fouten&#x2019; wil betrappen. <italic>De eeuw van Jan de Lichte</italic> blijft wijselijk weg van betweterige correctiedrang. Zowel de roman als de serie zijn fictie en kennen als zodanig immers hun eigen waarheid. Het boek wil wel toelichting voorzien bij het tijdsgewricht en de grote thema&#x2019;s die in de serie aan bod komen.</p>
<p>Hofman verdiende zijn sporen met een proefschrift over de ontwikkeling van het zelf in de context van strafrechtelijke ontwikkelingen in de achttiende en negentiende eeuw en heeft een interesse in publieksgeschiedenis. Met die achtergrond bleek hij de geknipte figuur om in dit publieksboek professionele historici duiding te laten serveren bij de wereld van Jan de Lichte, samengevat met de ondertitel &#x2018;Misdaad, verraad en revolutie in de 18<sup>de</sup> eeuw&#x2019;. Het boek is niet bedoeld voor medeacademici maar voor televisiekijkers bij wie de serie interesse heeft gewekt naar de achttiende-eeuwse samenleving. In zeventien behapbare hoofdstukken worden thema&#x2019;s behandeld die betrekking hebben op het verhaal van Jan de Lichte, telkens met een concrete sc&#x00E8;ne of gebeurtenis uit de serie als uitgangspunt. Uiteraard komen de historische feiten rond De Lichte en de Franse bezetting aan bod, maar de thema&#x2019;s gaan veel breder dan dat. Sociaal beleid, meertaligheid, belastingheffing, mode, seks, de aanleg van steenwegen en de vervolging van criminaliteit zijn maar enkele van de onderwerpen waarmee een rijk panorama wordt geschetst van de achttiende-eeuwse samenleving in de Oostenrijkse Nederlanden, met een nadruk op het leven in de marge.</p>
<p>Als genre bewandelt dit boek deels nieuwe paden. Het format is immers de voor academici vertrouwde verzamelbundel, maar dan aangepast aan een niet-academisch publiek. Het nadeel van die aanpak is dat een sterk narratief ontbreekt, het voordeel is dat lezers zich gemakkelijk kunnen richten op die thema&#x2019;s die hen het meest interesseren. Dat het boek toch een grote samenhang vertoont pleit voor Hofmans aanpak als editor. Ondanks de vele stemmen kent het boek een eenheid van toon en register, wat een doorgedreven redactieproces doet vermoeden. De gebruikte taal is uiterst toegankelijk en de titels van de hoofdstukjes zijn kort en sprekend. De tekst, vrij van voet- of eindnoten, wordt verlevendigd met een groot aantal illustraties. Talrijke kruisverwijzingen tussen de hoofdstukken brengen extra samenhang in het verhaal. De verzorgde eindsectie bevat nog extra historische omkadering: korte biografie&#x00EB;n van de historische figuren achters de hoofdpersonages uit de serie, een tijdslijn en een heel beknopte bibliografie voor de lezer die meer wil weten. Met dit alles vervult het boek op een voorbeeldige manier het vooropgestelde doel, namelijk een toegankelijk, aantrekkelijk en vlot leesbaar publieksboek realiseren.</p>
<p>De slimme selectie van thema&#x2019;s verschaft de lezer bovendien een mooi overzicht van recent onderzoek naar de achttiende eeuw. De auteurs zijn merendeels jonge vroegmodernisten die aan de hand van thema&#x2019;s uit de televisieserie de kans krijgen om op een laagdrempelige manier uit te weiden over hun respectievelijke specialismen. Op die manier slaagt het boek erin om resulaten uit tamelijk recente en daardoor minder bekende onderzoeksrichtingen beschikbaar te maken voor een breed publiek. Zo zijn er mooie ontdekkingen te doen in verband met de geschiedenis van emoties en seksualiteit (Hofman), schrijvende vrouwen (Lieke van Deinsen en Heleen Wyffels), migratie (Marjolein Schepers) en liedpraktijken (Ren&#x00E9;e Vulto), om slechts enkele thema&#x2019;s te noemen. Dat vakhistorici naar aanleiding van een populair-historische productie naar buiten treden met hun kennis, zonder daarbij belerend te worden, is lovenswaardig. In een maatschappelijk klimaat waarin de meerwaarde van academisch onderzoek in de menswetenschappen openlijk wordt bevraagd is zo&#x2019;n bijdrage des te waardevoller. Elwin Hofman verdient felicitaties voor dit mooie boek.</p>
</body>
</article>