<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (NISO Z39.96-2019) Journal Publishing DTD v1.2 20190208//EN" "https://jats.nlm.nih.gov/publishing/1.2/JATS-journalpublishing1-mathml3.dtd">
<article dtd-version="1.2" xml:lang="nl" xmlns:mml="http://www.w3.org/1998/Math/MathML" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">tseg</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>The Low Countries Journal of Social and Economic History</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="ppub">1572-1701</issn>
<issn pub-type="epub">2468-9068</issn>
<isbn publication-format="ppub">978 94 6270 336 0</isbn>
<publisher>
<publisher-name>Leuven University Press</publisher-name>
<publisher-loc>Leuven, Belgium</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">tseg.12304</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.52024/tseg.12304</article-id>
<article-categories>
<subj-group>
<subject>Book Reviews</subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Len de Klerk, <italic>Fr&#x00E9;d&#x00E9;ric en Antoine Plate 1802 -1927. Rotterdamse kooplieden, reders en bestuurders</italic> (Hilversum: Uitgeverij Verloren, 2019). 368 p. ISBN 9789087048129.</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>Schijf</surname>
<given-names>H.</given-names>
</name>
<aff>emeritus Universiteit van Amsterdam</aff>
</contrib>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>09</month>
<year>2022</year>
</pub-date>
<volume>19</volume>
<issue>2</issue>
<fpage>146</fpage>
<lpage>149</lpage>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00a9; H. Schijf</copyright-statement>
<copyright-year>2022</copyright-year>
<copyright-holder>H. Schijf</copyright-holder>
</permissions>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>Het is nu nauwelijks nog voor te stellen, maar in 1850 was Rotterdam nog een kleine, slecht bereikbare havenstad. Die stad werd bestuurd door een groep van conservatieve, veelal geparenteerde families. Dat weinig dynamische en gesloten stadsbestuur werd opengebroken na de invoering van de nieuwe Gemeentewet in 1851, waardoor nieuwkomers tot het bestuur konden toetreden. Bij dit overbekende beeld van stilstand in Rotterdam kunnen enkele kanttekeningen worden geplaatst. Wellicht was het constateren van die stagnatie toch te veel een projectie vanuit de tweede helft van de negentiende eeuw. Dat meent in ieder geval de historicus Thimo de Nijs in zijn <italic>In een veilige haven. Het familieleven van de Rotterdamse gegoede burgerij 1815-1890</italic> (2001). Volgens hem maakte de Rotterdamse economie in de eerste helft van de negentiende eeuw een relatief voorspoedige periode door. Maar pas in de tweede helft van de negentiende eeuw ontwikkelde Rotterdam zich in werkelijk razend tempo tot de belangrijkste Nederlandse overslaghaven voor het Duitse industri&#x00EB;le achterland. Fr&#x00E9;d&#x00E9;ric Plate (1802-1883) en zijn zoon Antoine (1845-1927) hebben belangrijke bijdrages aan die ontwikkeling geleverd.</p>
<p>Voor zijn dubbelbiografie kon Len de Klerk, gepromoveerd op de Rotterdamse volkshuisvesting en stedenbouw 1860-1950, beschikken over vele offici&#x00EB;le archieven en persoonlijke documenten. De Plates waren bijvoorbeeld betrokken bij de scheepvaart van Rotterdam naar New York. Dat leidde uiteindelijk tot de oprichting van de Holland-Amerikalijn die vele Oost-Europese migranten naar New York heeft vervoerd. Ze waren vennoot bij een cargadoorbedrijf, ze waren lid van de Rotterdamse gemeenteraad en ze werden president van de Kamer van Koophandel. Ook was Antoine Plate betrokken bij nieuwe projecten, zoals een bovengrondse spoorlijn dwars door de stad. Pas toen kreeg Rotterdam goede treinverbindingen met de rest van Nederland. En hij was natuurlijk ook betrokken bij het belangrijkste infrastructurele project voor de toekomst van de haven: de aanleg van de Nieuwe Waterweg. Vader en zoon participeerden bovendien in diverse charitatieve instellingen van de stad. Door de grote diversiteit van hun activiteiten levert de dubbelbiografie tevens een informatief beeld van het economische, politieke en culturele leven in het Rotterdam van die tijd.</p>
<p>In de eerste zeven van de in totaal elf hoofdstukken komen deze onderwerpen uitgebreid aan de orde. Niet alles wat beschreven wordt over de genoemde thema&#x2019;s is nieuw, maar De Klerk geeft door nieuwe bronnen veel details en nuttige toelichtingen, ook voor wie kennis van de Rotterdamse materie heeft. Zo merkt hij terecht op dat president Kamer van Koophandel destijds een prominente openbare functies was. Dat is het nu veel minder het geval. Hoofdstuk 8 schetst Antoine Plate als liberaal en vurig aanhanger van de vrijhandel. Hoofdstuk 9 gaat over Rotterdam tijdens de Eerste Wereldoorlog en de positie van Antoine Plate daarbij. De Plates leefden en handelden binnen de economische, politieke en culturele verhoudingen van hun tijd. De Klerk besteedt veel aandacht aan die verhoudingen en zijn literatuurlijst laat zien dat hij goed thuis is in de bestaande historische literatuur over Rotterdam. Maar meer theoretische studies over ondernemers of havenbaronnen ontbreken vrijwel. Het boek bevat veel goed gekozen illustraties die echt iets toevoegen. Vijf informatieve bijlagen ronden het boek af.</p>
<p>De ouders van Frederic, en dus de grootouders van Antoine Plate, waren Duitse migranten. De moeder stamde uit een familie van hugenoten van wie de voorouders uit Frankrijk waren gevlucht. Ook in Rotterdam bestond een omvangrijke hugenotengemeenschap, veelal lid van de Waalse kerk. Zo bekleedden leden van de familie De Monchy vooraanstaande posities. De Klerk stelt vast dat in het netwerk waarvan Fr&#x00E9;d&#x00E9;ric Plate deel uitmaakte rond 1860 verrassend veel lidmaten van de Waalse Kerk participeerden. In Amsterdam participeerden veel Doopsgezinden op dezelfde manier, en ook enkele Joodse bankiers. In Rotterdam werd de Joodse Lodewijk Pincoffs (1827-1911) berucht wegens zijn frauduleuze handelen die de bankier Marten Mees in grote financi&#x00EB;le problemen bracht. Het is onvermijdelijk dat De Klerk over hem schrijft, maar het beste verhaal over Pincoffs en zijn belangrijke bijdrage aan de Rotterdamse ontwikkeling en latere fraude heeft Bram Oosterwijk (2011, De Klerk verwijst naar de verouderde druk uit 1979) geschreven.</p>
<p>In hoofdstuk 4 worden de Plates beschreven als lieden met een hart voor Rotterdam. Fr&#x00E9;d&#x00E9;ric Plate heeft veel werk verzet om de opleiding op de Zeevaartschool te moderniseren en aan te passen aan de stoomvaart. Hij was ook betrokken bij de oprichting van het Zeemanshuis dat in 1856 werd geopend. Het Zeemanshuis was opgericht met de bedoeling zeelieden beter onderdak te bieden en ze te beschermen tegen zogenaamde &#x2018;slaapbazen&#x2019; die veel geld van hen aftroggelden. De opzet en financiering van het Zeemanshuis is een vroeg voorbeeld van de modernisering van de filantropie door middel van een vereniging met aandelen. Antoine Plate ontving weinig onderwijs. Zoals gebruikelijk bij zonen van kooplieden in zijn tijd volgde hij stages bij enkele zakenrelaties van zijn vader. Hij zou een ijverige autodidact blijven die later degelijke nota&#x2019;s zou schrijven, onder andere over vrijhandel.</p>
<p>In zijn laatste hoofdstuk biedt de schrijver inkijkjes in het familieleven en de vrienden- en zakenkring van Antoine Plate. Die inkijkjes zijn vooral gebaseerd op persoonlijke brieven en het is opvallend hoe weinig er bekend is over Frederika Wilhelmina Engelbrecht, de echtgenote van Antoine Plate. Er resteert slechts een enkele brief van haar. Ik vind het jammer dat De Klerk het bovengenoemde boek van De Nijs niet noemt. Het zou een mooie aanvulling zijn geweest waardoor verdere vergelijkingen mogelijk waren geweest met andere Rotterdamse families uit de gegoede burgerij in die tijd. Veel families uit de financieel-economische elites waren geparenteerd. Callahan schrijft in haar studie over de Rotterdamse havenbaronen: &#x201C;elite daughters never married outside their class, almost never married outside their own small circle and some, who took first and second cousins as their husband, never even married outside their family,&#x201D; (1981, p. 225). Hetzelfde huwelijkspatroon is ook te vinden bij Doopsgezinde families in Amsterdam.</p>
<p>Antoine Plate zorgde goed voor twee jonge neven: Karel van der Mandele en Willem Engelbrecht. &#x201C;Antoine heeft Karel en Willem op posities gebracht die voor deze niet-Rotterdammers startplaatsen bleken voor succesvolle maatschappelijke loopbanen,&#x201D; oordeelt de biograaf. Tot de kennissenkring behoorde de zakenman Anton Kr&#x00F6;ller, maar een vertrouwelijke en persoonlijke vriendschap is het nooit geworden. Schilderijen uit de collectie van diens vrouw Helene Kr&#x00F6;ller- M&#x00FC;ller vond Antoine Plate afschuwelijk.</p>
<p>Wat duidelijk uit de dubbelbiografie blijkt, is het grote aantal activiteiten dat door vader Fr&#x00E9;d&#x00E9;ric Plate en vooral door zijn zoon Antoine werd ontplooid. Bijlage 3 vermeldt de functies van Antoine Plate. Als directeur of vennoot had hij onder andere te maken met scheepvaartmaatschappijen en de cargadoorfirma Wambersie &#x0026; Zoon. Hij had diverse commissariaten, zoals bij de Rotterdamsche Bank. Zulke functies zijn ook tegenwoordig niet ongebruikelijk. Wel geldt dat voor de diverse politieke functies die hij als zakenman bekleedde: lid van de gemeenteraad, de Tweede Kamer en de Provinciale Staten van Zuid-Holland. Als vurig aanhanger van vrijhandel participeerde hij in vele staatscommissies en schreef hij menige nota. Antoine Plate leefde nog in een tijd waarin de economische en politieke velden sterk overlapten. Pas na de invoering van het algemeen kiesrecht veranderde dat. Een ander aspect van Antoine&#x2019;s persoonlijkheid was dat hij ook betrokken was bij het Rotterdamsche Leeskabinet.</p>
<p>Len de Klerk heeft een gedetailleerd &#x2013; voor algemene lezers misschien soms te gedetailleerd &#x2013; boek geschreven over een ondernemende vader en zoon die tot na de Eerste Wereldoorlog in belangrijke mate meehielpen bij de ontwikkeling van Rotterdam als wereldhaven. Hij voegt daarmee een interessante en rijke studie toe aan de niet erg lange lijst van biografie&#x00EB;n over Nederlandse ondernemers.</p>
</body>
</article>