<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (NISO Z39.96-2019) Journal Publishing DTD v1.2 20190208//EN" "https://jats.nlm.nih.gov/publishing/1.2/JATS-journalpublishing1-mathml3.dtd">
<article dtd-version="1.2" xml:lang="nl" xmlns:mml="http://www.w3.org/1998/Math/MathML" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">tseg</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>The Low Countries Journal of Social and Economic History</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="ppub">1572-1701</issn>
<issn pub-type="epub">2468-9068</issn>
<isbn publication-format="ppub">978 94 6270 365 0</isbn>
<publisher>
<publisher-name>Leuven University Press</publisher-name>
<publisher-loc>Leuven, Belgium</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">tseg.13144</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.52024/tseg.13144</article-id>
<article-categories>
<subj-group>
<subject>Artikel</subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Kapitalisme en racisme: een intieme relatie van continu&#x00EF;teit en verandering</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>Steur</surname>
<given-names>Luisa</given-names>
</name>
<email>l.j.steur@uva.nl</email>
</contrib>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>12</month>
<year>2022</year>
</pub-date>
<volume>19</volume>
<issue>3</issue>
<fpage>129</fpage>
<lpage>140</lpage>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00a9; Luisa Steur</copyright-statement>
<copyright-year>2022</copyright-year>
<copyright-holder>Luisa Steur</copyright-holder>
</permissions>
</article-meta>
</front>
<body>
<p><italic>Kolonialisme en racisme</italic> is een boek dat uit de pas loopt met hedendaagse debatten over deze onderwerpen binnen de antropologie/sociologie en in activistische kringen. Dat is soms ongemakkelijk maar vaak inspirerend, vooral wanneer Jan Breman het belang benadrukt van het analyseren van racisme op het niveau van het mondiale kapitalisme. Het boek toont racisme in dienst van de wereldwijde uitbuiting van arbeid, die in gebieden buiten het directe gezichtsveld van de Nederlandse lezer haar meest extreme, dodelijke excessen blijft tonen. Ik ga graag de dialoog aan met Jan Breman over de inzichten die hij in zijn boek aandraagt en in die context wil ik ook een kwestie aansnijden die ik bijzonder opvallend vind: dat we momenteel in de paradoxale situatie zijn beland dat de grotendeels witte, liberale eigenaren en beheerders van het kapitaal &#x2013; diegenen die in Jan Bremans boek nog zo duidelijk naar voren komen als actieve organisatoren van racistisch gedachtegoed en racistische wetten &#x2013; zich inmiddels voordoen als grote voorstanders van antiracisme. En dat terwijl gevestigde linkse partijen en antiracistisch activisme nu vaak op gespannen voet staan. Voortbouwend op Jan Bremans historiserende en antropologische methode en mijn eigen onderzoek in Kerala en Cuba, zal ik ook ingaan op hoe we in deze paradoxale situatie terecht zijn gekomen &#x2013; en hoe dat aansluit bij het laatste hoofdstuk van <italic>Kolonialisme en racisme.</italic></p>
<sec id="s1">
<title>I.</title>
<p>Jan Breman beargumenteert dat koloniaal racisme niet zozeer ging om &#x2018;gewelddadige excessen&#x2019; maar onverbrekelijk samenging met het arbeidsbestel in de koloni&#x00EB;n. Dit ontkent niet, en Breman refereert daarbij instemmend aan Michael Taussig, dat racistisch geweld in veel gevallen doel in zichzelf werd &#x2013; beestachtige behandeling die verder ging dan, en incidenteel zelfs contraproductief was aan, het tot arbeid dwingen van de bevolking. Jan Breman voegt daar echter aan toe dat de racistische minachting vooral ook voortkwam uit een besef dat de inheemse arbeider (de &#x2018;Aziatische koelie&#x2019;, in het geval van Indonesi&#x00EB;) niet spontaan reageerde op zogenaamd &#x2018;normale&#x2019; economische impulsen<xref ref-type="fn" rid="fn1" specific-use="fn"><sup>1</sup></xref> &#x2013; de impulsen die &#x2018;vrije arbeiders&#x2019;, zoals die in Europa gecre&#x00EB;erd waren, meestal wel konden bewegen tot arbeid. De oorsprong van het racisme dat de basis vormde voor excessief geweld was dus hoe dan ook het koloniale arbeidsbestel. Jan Breman betoogt daarbij dat de imperiale expansie onlosmakelijk verweven was met de &#x2018;sociale kwestie&#x2019; die in Europa aan het begin van de negentiende eeuw op uitbarsten stond. Hij haalt De Toqueville aan als iemand die de liberale politiek hieromtrent feilloos verwoordde: de escalatie van klassentegenstellingen in de metropool moest bezworen worden door middel van buiten-Europese expansie. Jan Breman beargumenteert overtuigend dat het democratisch liberalisme waar De Toqueville om bekendstaat dus alleen tot stand kon komen op vaderlandse bodem door een koloniale praktijk waarin van vrijheid en gelijkheid vooral <italic>geen</italic> sprake zou zijn.</p>
<p>Een eerdere versie van deze liberale paradox, waar onder andere Barbara Fields over schrijft, betreft de vroege opkomst van racisme in de context van slavernij: in het zeventiende-eeuwse Amerika, de Nieuwe Wereld, was er aanvankelijk geen racisme omdat racisme niet noodzakelijk was om het wegnemen van de &#x2018;vrijheid&#x2019; van de arbeider te legitimeren aangezien deze vrijheid zowel de facto als theoretisch gezien niet bestond.<xref ref-type="fn" rid="fn2" specific-use="fn"><sup>2</sup></xref> Het was de opkomst van de liberale ideologie van persoonlijke vrijheid en gelijkheid die ook de opkomst van het racisme noodzakelijk maakte, namelijk om de groeiende contradictie tussen deze ideologie en de realiteit van massale en permanente slavernij in het kapitalistische systeem te bezweren. Oliver Cromwell Cox, een belangrijke Afro-Amerikaanse marxistische socioloog in naoorlogs Amerika, ziet racisme dan ook als puur een product van het kapitalisme.<xref ref-type="fn" rid="fn3" specific-use="fn"><sup>3</sup></xref> Hij beargumenteert dat in deze kapitalistische context de afschaffing van de slavernij het racisme in de Verenigde Staten alleen nog maar verder versterkte &#x2018;vanwege de directe behoefte van de witte uitbuitende klasse om voor zover mogelijk de totale controle over het aanbod aan arbeid te herstellen, welke deze gedurende de slavernij bezat&#x2019;.<xref ref-type="fn" rid="fn4" specific-use="fn"><sup>4</sup></xref> Er zijn ook denkers, zoals Nancy Fraser, die een andere variant van de liberale paradox voorstellen door de link tussen het kapitalisme en racisme niet zozeer te leggen bij de dynamiek van uitbuiting maar juist bij het moment van &#x2018;onteigening&#x2019; (<italic>expropriation</italic>)<italic>.<xref ref-type="fn" rid="fn5" specific-use="fn"><sup>5</sup></xref></italic> Fraser beargumenteert dat &#x2018;de geracialiseerde onderwerping van diegenen die het kapitaal onteigent&#x2019; &#x2013; diegenen die als bijvoorbeeld tot slaaf gemaakte of als koloniaal subject onvrije arbeid leveren &#x2013; een voorwaarde is voor &#x2018;de vrijheid van diegenen die het kapitaal uitbuit&#x2019; &#x2013; de arbeider met burgerrechten.<xref ref-type="fn" rid="fn6" specific-use="fn"><sup>6</sup></xref> Dit is een lopende discussie, maar waar beide visies het &#x2013; met Jan Breman &#x2013; over eens zijn, is dat racisme onlosmakelijk verstrengeld is met het kapitalisme.</p>
<p>In het huidige publieke debat is de tendens juist om racisme los van kapitalistische dynamieken te zien. Zo beargumenteert <italic>Caste,</italic> de recente internationale bestseller van Isabel Wilkerson, dat de essentie van racisme de logica van kaste is, namelijk die van een onderliggende &#x2018;infrastructuur&#x2019; van hi&#x00EB;rarchische ordening die constant door middel van persoonlijke interacties wordt gereproduceerd.<xref ref-type="fn" rid="fn7" specific-use="fn"><sup>7</sup></xref> Racisme houdt vanuit dit perspectief geen verband met het kapitalisme &#x2013; sterker nog, het wordt gezien als een voornamelijk mentale structuur die al veel langer bestaat dan het kapitalisme. Deze dominante &#x2018;antidisciminatiebenadering van racisme&#x2019;, zoals Amia Srinivasan het noemt,<xref ref-type="fn" rid="fn8" specific-use="fn"><sup>8</sup></xref> leidt er ook toe dat concepten die oorspronkelijk naar structurele machtsrelaties verwezen, nu van zulke betekenis zijn ontdaan: &#x2018;white privilege&#x2019; bijvoorbeeld, werd ooit door Du Bois beschreven als een mechanisme waardoor de arbeidersklasse op basis van kleur werd verdeeld, waarbij de witte arbeidersklasse in ruil voor wat zielige racistische voordelen medeplichtig werd gemaakt aan haar eigen onderwerping aan het kapitaal. Vaak wijst het concept vandaag de dag louter naar de voordelen die een wit individu heeft in interpersoonlijke interacties.</p>
<p>Ondertussen wordt er erg weinig aandacht besteed aan het racisme dat de huidige kapitalistische ordening van de wereldeconomie mogelijk maakt. Zo ben ik het met Jason Hickel eens dat er duidelijk racisme schuilgaat in de door de Wereldbank ingestelde armoedegrens van 1,90 dollar per dag; de racistische suggestie is dat de grotendeels gekleurde mensheid die het betreft, absurd lage basisbehoeften heeft, wat op zijn beurt helpt het huidige kapitalistische wereldsysteem als minder rampzalig voor te stellen dan het is.<xref ref-type="fn" rid="fn9" specific-use="fn"><sup>9</sup></xref> Hoe weinig kritiek er is op dit soort racisme op structureel niveau blijkt wel uit het feit dat de Wereldbank tegelijkertijd groots kan opgeven over haar &#x2018;commitment to diversity, inclusion and equity&#x2019;. Waar de nadruk ligt op niveaus van institutionele of interpersoonlijke interactie, zijn het ironisch genoeg vaak degenen die tot de top van het bedrijfsleven behoren, die de mond vol hebben van antiracisme. Om nog een voorbeeld te geven: Larry Fink, de CEO van BlackRock, dat een financieel kapitaal van bijna 10 biljoen dollar beheert, laat zich erop voorstaan &#x2018;pro-Black Lives Matter&#x2019; te zijn.<xref ref-type="fn" rid="fn10" specific-use="fn"><sup>10</sup></xref> Hierbij doelt hij uiteraard niet op het manifest uit 2016 van de <italic>Movement for Black Lives</italic> dat onder andere oproept tot &#x2018;een herstructurering van de economie waardoor onze gemeenschappen niet slechts toegang tot bezit maar collectief bezit krijgen&#x2019;.<xref ref-type="fn" rid="fn11" specific-use="fn"><sup>11</sup></xref> Vanuit de antidiscriminatiebenadering van racisme &#x2013; die radicalere aspecten van de <italic>Black Lives Matter</italic>-beweging negeert &#x2013; profileren Fink en ook de CEO&#x2019;s van bijvoorbeeld Google, Amazon, Twitter en Nike hun ondernemingen echter graag als antiracistisch.<xref ref-type="fn" rid="fn12" specific-use="fn"><sup>12</sup></xref></p>
</sec>
<sec id="s2">
<title>II.</title>
<p>Deze situatie is frappant anders dan de situatie in de negentiende en begin twintigste eeuw zoals die wordt beschreven in <italic>Kolonialisme en racisme</italic>. Hoewel Jan Breman&#x2019;s boek pijnlijk blootlegt hoezeer de lofzang op het koloniale verleden aanhield, ook na de formele dekolonisering, lijken we nu wel degelijk in een nieuwe context te zijn beland, waarin er vrij veel aandacht is voor hoe het racisme van de koloniale tijd doorwerkt in sociale interacties binnen hedendaagse westerse samenlevingen. Ik vrees echter dat dit niet louter te danken is aan de aanhoudende inspanningen van tegendraadse denkers en activisten. Er is ook structureel iets aan de gang dat het voor liberale elites gemakkelijker maakt om antiracisme te &#x2018;mainstreamen&#x2019;, namelijk dat veel van de winsten in het kapitalisme van vandaag niet meer rechtstreeks gebaseerd zijn op de uitbuiting van arbeid in het productieproces. Ik heb het over de opkomst van het neoliberalisme, een verschuiving van, aldus David Harvey, &#x2018;expanded reproduction&#x2019; naar &#x2018;accumulation by dispossession&#x2019; waarbij financieel kapitaal de overhand heeft gekregen over industrieel kapitaal, vooral door de financialisering van alles wat met sociale reproductie te maken heeft.<xref ref-type="fn" rid="fn13" specific-use="fn"><sup>13</sup></xref> Dat laatste is goed zichtbaar in de wijze waarop financieel kapitaal zich meester heeft gemaakt van de menselijke basisbehoefte aan onderdak. Het fenomeen van de &#x2018;gentrificatie&#x2019;, dat deel uitmaakt van de enorme influx van kapitaal in onroerend goed, heeft de neiging om raciale ongelijkheden te doen groeien. Zoals Cedric Johnson echter scherp betoogt, kan verzet tegen gentrificatie dat zich alleen richt op het aspect van racistisch onrecht, geaccommodeerd worden zonder dat er iets verandert aan de onderliggende dynamiek van &#x2018;real estate valuation&#x2019;, de hyper-commodificatie van wonen.<xref ref-type="fn" rid="fn14" specific-use="fn"><sup>14</sup></xref> De financi&#x00EB;le kapitalisten die gentrificatie veroorzaken, tonen zich dan ook graag publiekelijk als antiracistisch omdat racisme niet noodzakelijk is voor hun operaties en het loont om met &#x2018;antiracistische&#x2019; gebaren onderliggende problemen die met klasse te maken hebben uit de weg te gaan.</p>
<fig id="fg001">
<label>Illustratie 1</label>
<caption><p><italic>Banksy, New York (foto door Barbara Picci / <ext-link ext-link-type="uri" xlink:href="https://barbarapicci.files.wordpress.com">https://barbarapicci.files.wordpress.com</ext-link>).</italic></p></caption>
<graphic xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xlink:href="tseg.13144_fig1.jpg"/>
</fig>
<p>Antropoloog Gavin Smith gaat verder in op wat de dominantie van financieel over industrieel kapitaal betekent voor hegemonie &#x2013; voor de manier waarop de coalitie van de heersende klasse de rest van de bevolking aan zich probeert te binden.<xref ref-type="fn" rid="fn15" specific-use="fn"><sup>15</sup></xref> Gedurende het naoorlogse hoogtij van de sociaaldemocratie en het Keynesianisme draaide de hegemonie om het vergroten van de productiviteit van de burgerbevolking en het door middel van sociaal beleid tegengaan van de ongelijkheden die het kapitalisme inherent cre&#x00EB;ert; wat Smith &#x2018;expansive hegemony&#x2019; noemt. Hier gaat een (vaak beklemmend) unificerende werking van uit. Vandaag de dag heerst er echter een &#x2018;selective hegemony&#x2019;, waarbij het niet in de eerste plaats gaat om productiviteit en uniformiteit maar om het beheersen van kapitaalstromen en het vergroten van het kapitalistische speelveld.<xref ref-type="fn" rid="fn16" specific-use="fn"><sup>16</sup></xref> Overheidsbeleid draait daarbij niet meer om het oplossen van de kwestie van sociale ongelijkheid maar om het steunen van bepaalde groepen van &#x2018;al beter bedeelde voorlopers&#x2019; (zoals Jan Breman ze noemt) in het optimaliseren van hun relatieve voordeel. &#x2018;Diversificatie&#x2019;, de strategie van financieel kapitaal om risico&#x2019;s te verminderen, wordt vanwege de selectieve hegemonie waarin we leven een mechanisme dat steeds meer in sociale interacties terugkomt en zijn weerklank heeft in de wijdverbreide toewijding aan &#x2018;diversity&#x2019;.<xref ref-type="fn" rid="fn17" specific-use="fn"><sup>17</sup></xref></p>
<p>Een ander effect van deze &#x2018;neoliberale&#x2019; verschuiving &#x2013; die dus veel meer is dan slechts een ideologische verschuiving &#x2013; is de intensivering van de competitie, zowel tussen landen als tussen sociale groepen binnen landen, om hyper-mobiel financieel kapitaal aan te trekken. Deze dynamiek vormt een basis voor het soort angsten over de concurrentiekracht van anderen waarop rassenwaan kan gedijen.<xref ref-type="fn" rid="fn18" specific-use="fn"><sup>18</sup></xref> Expliciet &#x2018;uitbuitingsracisme&#x2019;, zoals Wertheim het noemt &#x2013; racisme dat de accumulatie van industrieel kapitaal faciliteert &#x2013; staat vandaag de dag op een laag pitje maar &#x2018;concurrentieracisme&#x2019; is daarentegen springlevend, niet onder kapitalistische elites maar juist onder sommige van de &#x2018;Polanyian counter-movements&#x2019; die opkomen in reactie op de huidige dynamieken van het kapitalisme. Zo is nationalisme niet langer het geheime wapen van liberale elites om de klassenstrijd te bezweren (&#x00E0; la De Toqueville) maar eerder het perverse vehikel waarmee bepaalde berooide arbeidersklassen die strijd tegen het (neo)liberale Europa van het kapitaal proberen voort te zetten.<xref ref-type="fn" rid="fn19" specific-use="fn"><sup>19</sup></xref></p>
</sec>
<sec id="s3">
<title>III.</title>
<p>Naast structurele redenen waarom de relatie tussen racisme en kapitaal is veranderd, moet er ook gekeken worden naar hoe er ruimte is gekomen voor de politieke logica waarbij kapitaal zich kan presenteren als antiracistisch doordat de historische aanvechter van het kapitalisme &#x2013; links &#x2013; zozeer lijkt te hebben gefaald in het hooghouden van de antiracistische kritiek. Hier komen we aan bij de kwestie van de sociaaldemocratie in Europa en Jan Bremans terechte kritiek dat deze zich te zeer heeft laten beetnemen door de logica van De Toqueville: het pacificeren van de klassenstrijd in de patriottische mobilisatie rondom de imperiale expansie. Het is duidelijk dat links in Europa zich meer had moeten verzetten tegen omkadering in de natiestaat.</p>
<p>In voormalig koloni&#x00EB;n is de situatie voor links echter ingewikkelder. Nationalisme is daar, zoals bijvoorbeeld tot uiting kwam in de Bandung-conferentie, juist een uiting van het streven naar gelijkere mondiale machtsverhoudingen. Overal waar het communisme aan de macht kwam, zagen de roergangers die ideologie dan ook voornamelijk als de manier waarop hun perifere staten sneller zouden kunnen moderniseren en daarmee een inhaalslag maken ten opzichte van het kapitalistische Westen. Zoals David Priestland opmerkt, is deze &#x2018;modernistische&#x2019; stroming binnen het communisme veel machtiger geweest dan de &#x2018;radicale&#x2019; of de &#x2018;romantische&#x2019;.<xref ref-type="fn" rid="fn20" specific-use="fn"><sup>20</sup></xref> Ook binnen de twee communistische bewegingen waar ik onderzoek naar doe &#x2013; het communisme in Kerala (Zuid-India) en het communisme in Cuba &#x2013; voert dit &#x2018;modernistische&#x2019; streven, gelegitimeerd in termen van anti-imperialisme, de boventoon.</p>
<fig id="fg002">
<label>Illustratie 2</label>
<caption><p><italic>Muurschildering in Thrissur, Kerala (foto gemaakt door Viswaprabha/ Wikicommons).</italic></p></caption>
<graphic xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xlink:href="tseg.13144_fig2.jpg"/>
</fig>
<p>Toen dit modernistische communisme in de late jaren vijftig van de twintigste eeuw zowel in Kerala als in Cuba aan de macht kwam werd het, zeker door de meest onderdrukte bevolkinggroepen, als progressief ervaren. Communistische leiders &#x2013; grotendeels uit de dominante lagen van de bevolking &#x2013; dat wil zeggen &#x2018;blanco&#x2019; in Cuba en van de hoogste kasten (Brahmin of Nair) in Kerala &#x2013; verbraken culturele taboes door bijvoorbeeld, in het geval van Kerala, samen eenzelfde maaltijd te delen met landarbeiders van voormalig onaanraakbare (Dalit) kasten. Zelfs &#x2013; of misschien <italic>juist</italic> &#x2013; wanneer de communistische leiders in kwestie de grootgrondbezitters waren die even daarvoor nog symbool hadden gestaan voor de onderdrukking van deze landarbeiders, maakte het grote indruk dat zij nu de gelijkheid van allen verkondigden. P.K. Kalan, een landarbeider die zich in deze eerste, revolutionaire, periode had aangesloten bij de CPI(M) in Kerala, vertelde in een interview dan ook dat het meest indrukwekkende moment in zijn leven was geweest toen de grootgrondbezitter bij wie zijn ouders nog dwangarbeid hadden verricht, hem jaren later omhelsde als &#x2018;kameraad&#x2019; toen Kalan voor de CPI(M) de lokale verkiezingen had gewonnen.<xref ref-type="fn" rid="fn21" specific-use="fn"><sup>21</sup></xref> Vooruitgang was bovendien niet alleen symbolisch. Zo kregen zwarte Cubanen na de revolutie actief toegang tot hoger onderwijs zodat velen toetraden tot middenklasseberoepen als schoolleraar en dokter. De sociale stijging die veel donkergekleurde Cubanen ervaarden als gevolg van antiracistisch beleid, leidde tot wat critici vandaag de dag ook wel aanduiden als het &#x2018;Gracias Fidel-syndroom&#x2019; onder de zwarte bevolking.</p>
<p>Waar in de vroege dagen van het communistische beleid modernisering en antiracistische of anti-kastepolitiek vrij organisch konden samengaan, begon in zowel Kerala als Cuba in de loop van de jaren tachtig een spanningsveld te ontstaan tussen de twee. Wat voor de generatie die opgroeide in de jaren zestig en zeventig nog als grote sprongen vooruit werden ervaren, zagen volgende generaties vaak als al te kleine en al te voorzichtige stapjes. De landhervorming in Kerala gaf Dalit-arbeiders eigendom over een stukje grond om hun woning op te bouwen, maar niet groot genoeg om van landarbeider op te klimmen tot boer. Bovendien leek het communisme al te zelfgenoegzaam over zijn eigen succes in het uitroeien van racisme en/of kasteonderdrukking. Zo begonnen de revolutionaire autoriteiten al in 1962 te beweren dat Cuba raciale discriminatie uitgeroeid had: eventuele &#x2018;overblijfselen&#x2019; van racisme die wellicht nog in de samenleving waren aan te treffen, zouden vanzelf wegebben.<xref ref-type="fn" rid="fn22" specific-use="fn"><sup>22</sup></xref> Op een vergelijkbare wijze werd er in Kerala door het communistisch leiderschap over kaste gedacht: als een &#x2018;noodzakelijke fase&#x2019; van ontwikkeling die spontaan zou worden overstegen in het revolutionaire streven naar een communistische maatschappij.<xref ref-type="fn" rid="fn23" specific-use="fn"><sup>23</sup></xref></p>
<p>De &#x2018;dankbaarheid&#x2019; die de vroeg-revolutionaire generatie van Dalits en zwarten voelde, werd door een nieuwere generatie eerder ge&#x00EF;nterpreteerd als blijk gevend van het feit dat Dalits en zwarten nooit als subjecten van de revolutie werden gezien maar slechts als objecten van paternalistische generositeit van de kant van de witte of hogere kaste communistische leiders.<xref ref-type="fn" rid="fn24" specific-use="fn"><sup>24</sup></xref> In de huidige context wordt communisme dan ook al snel hypocrisie verweten op het gebied van antiracistische of anti-kastepolitiek; een alternatieve interpretatie van de hervormingen in de jaren zestig is dat deze bedoeld waren om <italic>radicalere</italic> hervormingen te <italic>vermijden</italic>.</p>
<fig id="fg003">
<label>Illustratie 3</label>
<caption><p><italic>Muurschildering in Vedado, Havana (foto gemaakt door Antonio Schubert/Wikicommons).</italic></p></caption>
<graphic xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xlink:href="tseg.13144_fig3.jpg"/>
</fig>
<p>Er zijn dus stevige antiracistische kritieken aan het adres van het modernistische communisme, kritieken die in principe een aanzet zouden kunnen zijn voor een hernieuwing van links. Het gevaar is slechts dat zulke kritiek op zichzelf komt te staan, los van een beschouwing van het mondiale politiek-economische speelveld waarin de jaren tachtig worden gekenmerkt door de opkomst van het neoliberalisme &#x2013; de hegemonie van financieel kapitaal. Een van de grote politieke problemen is dat het ontstaan van een antiracistische/anti-kastekritiek op links samenviel met een dramatische inperking van de mogelijkheden tot verdere progressieve hervormingen op nationaal niveau door de opkomende hegemonie van financieel kapitaal &#x2013; deels mogelijk gemaakt door de Europese zogenaamde sociaaldemocratie. Het modernistische communisme in de periferie&#x00EB;n sloot ten behoeve van economische &#x2018;ontwikkeling&#x2019; altijd al compromissen op het gebied van antiracisme. Maar deze compromissen werden noodgedwongen vele malen groter vanaf de jaren tachtig. Met het ineenstorten van de Sovjet-Unie raakte Cuba in een zware economische crisis en introduceerde het regime economische maatregelen die, ongewild, raciale ongelijkheden in plaats van kleiner juist groter deden worden.<xref ref-type="fn" rid="fn25" specific-use="fn"><sup>25</sup></xref> En ook de communistische partij in Kerala nam beleid aan om Kerala aantrekkelijker te maken voor steeds mobieler wordend kapitaal, waardoor de bestaanszekerheid van diegenen die door het kastesysteem onderdrukt worden weer erg precair werd.<xref ref-type="fn" rid="fn26" specific-use="fn"><sup>26</sup></xref></p>
</sec>
<sec id="s4">
<title>IV.</title>
<p>Een grondige kritiek op het falen van antiracistische politiek binnen links, zowel in Europa als daarbuiten, is noodzakelijk voor een vernieuwing van links. Het gevaar is echter dat zulke kritiek uit zijn verband wordt gerukt en wordt gebruikt om links verder aan populariteit te doen inboeten en te doen versplinteren. Bovendien wordt het gebruikt om antiracistisch en anti-kasteactivisme ervan te overtuigen zich verre te houden van links. Een uiting hiervan is het dominante vertoog in het publieke debat over racisme waarin de nadruk wordt gelegd op het interpersoonlijke en institutionele niveau van macht: kapitalisme wordt daarbij als een onveranderbaar gegeven gezien en als grotendeels irrelevant voor de discussie over racisme. Ik draag deze kritische reflectie bij over de spanning tussen links en antiracistisch activisme en de manier waarop de huidige liberale elite, die zich in tegenstelling tot de koloniale liberale elite kan opwerpen als antiracistisch, daar voordeel uit haalt om het verhaal aan te vullen waarmee Jan Breman zijn boek eindigt: hij ziet het racisme van de eerdere liberale elite voortgezet in de opkomst van een racistisch rechts populisme, wereldwijd maar zeker ook in Nederland. Hij spreekt daarbij de hoop uit dat &#x2018;de openheid blijft bestaan om &#x2026; tegendraadse overdenkingen te uiten als voortkomend uit onze beschaving en moraliteit, zonder dat die als verzaking of verraad ervan gebrandmerkt worden&#x2019;.<xref ref-type="fn" rid="fn27" specific-use="fn"><sup>27</sup></xref> Ik voeg daaraan toe dat de mate waarin de huidige liberale elite zich kan opwerpen als baken tegen het racistische rechtse populisme, als medestander van &#x2018;tegendraadse overdenkingen&#x2019;, alles te maken heeft met hoe antiracistisch en links activisme om politieke maar ook structurele redenen uit elkaar gedreven zijn. Hierdoor is een vernieuwing van links op meer radicale en minder modernistisch en nationalistische leest erg moeilijk geworden. Ik heb er geen probleem mee wanneer tegendraadse antiracistische overdenkingen worden gezien als antithese van &#x2018;onze beschaving en moraliteit&#x2019; wanneer &#x2018;onze&#x2019; wordt gelezen als &#x2018;Nederlandse&#x2019;: Jan Bremans boek heeft nu juist overtuigend laten zien dat dat erg dicht bij de waarheid ligt, des te meer gezien hoe prominent de Hollandse rol is in de geschiedenis van het kapitalisme. Wat ik vooral hoop, is dat tegendraadse antiracistische overdenkingen gezien kunnen blijven worden &#x2013; of weer gezien kunnen worden &#x2013; als deel van &#x2018;onze&#x2019;, als in <italic>linkse</italic>, beschaving en moraliteit.</p>
</sec>
<sec id="s5">
<title>Over de auteur</title>
<p><bold>Luisa Steur</bold> is universitair docent aan de afdeling Antropologie van de Universiteit van Amsterdam. Ze promoveerde in 2011 aan de Central European University (Budapest) en publiceerde in 2017 het boek <italic>Indigenist Mobilization. Contronting electoral communism and precarious livelihoods in post-reform Kerala</italic> (New York/Oxford: Berghahn Books). Sinds 2015 heeft zij haar onderzoek naar communisme, Adivasi/Dalit-activisme en arbeid in Kerala (India) uitgebreid met vergelijkend onderzoek naar communisme, zwart/antiracistisch activisme en arbeid in Cuba; zie bijvoorbeeld haar recente artikel &#x2018;Class analysis across the &#x201C;capitalist/communist&#x201D; divide&#x2019; in <italic>The Routledge Handbook of the Anthropology of Labor</italic> (2022). Luisa is hoofdredacteur van <italic>Focaal. Journal of Global and Historical Anthropology</italic>.</p>
<p>E-mail: <email>l.j.steur@uva.nl</email></p>
</sec>
</body>
<back>
<fn-group>
<title>Noten</title>
<fn id="fn1" symbol="1"><p>Jan Breman, <italic>Kolonialisme en racisme. Een postkoloniale kritiek</italic> (Amsterdam 2021) 90.</p></fn>
<fn id="fn2" symbol="2"><p>Barbara Fields, &#x2018;Slavery, race and ideology in the United State of America&#x2019;, <italic>New Left Review</italic> 181 (1990) 95-118.</p></fn>
<fn id="fn3" symbol="3"><p>Oliver Cromwell Cox, <italic>Caste, class and race. A study in social dynamics</italic> (New York 1959) 470.</p></fn>
<fn id="fn4" symbol="4"><p><italic>Ibid.</italic>, 470.</p></fn>
<fn id="fn5" symbol="5"><p>Nancy Fraser, &#x2018;Expropriation and exploitation in racialized capitalism. A reply to Michael Dawson&#x2019;, <italic>Critical Historical Studies</italic> 3:1 (2016) 163-178.</p></fn>
<fn id="fn6" symbol="6"><p><italic>Ibid.,</italic> 165.</p></fn>
<fn id="fn7" symbol="7"><p>Isabel Wilkerson, <italic>Caste. The origins of our discontents</italic> (New York 2020).</p></fn>
<fn id="fn8" symbol="8"><p>Amia Srinivasan, <italic>Het recht op seks. Feminisme in de 21ste eeuw</italic> (Amsterdam 2022) 245.</p></fn>
<fn id="fn9" symbol="9"><p>Jason Hickel, &#x2018;The racist double standards of international development&#x2019;, <italic>Al Jazeera</italic> 13 juli (2020). <ext-link ext-link-type="uri" xlink:href="https://www.aljazeera.com/opinions/2020/7/13/the-racist-double-standards-of-international-development">https://www.aljazeera.com/opinions/2020/7/13/the-racist-double-standards-of-international-development</ext-link>.</p></fn>
<fn id="fn10" symbol="10"><p>Koen Haegens, &#x2018;Dit mysterieuze megabedrijf beheert de grootste spaarpot ooit (en waarschijnlijk ook jouw centen)&#x2019;, <italic>De Volkskrant</italic> 5 november (2021).</p></fn>
<fn id="fn11" symbol="11"><p>Srinivasan, <italic>Het recht op seks</italic>, 244.</p></fn>
<fn id="fn12" symbol="12"><p><italic>Ibid</italic>., 245.</p></fn>
<fn id="fn13" symbol="13"><p>David Harvey, <italic>The new imperialism</italic> (Oxford 2003).</p></fn>
<fn id="fn14" symbol="14"><p>Cedric Johnson, &#x2018;Gentrifying New Orleans. Thoughts on race and the movement of capital&#x2019;, <italic>Souls. A Critical Journal of Black Politics, Culture and Society</italic> 17:3-4 (2015) 175-200.</p></fn>
<fn id="fn15" symbol="15"><p>Gavin Smith, &#x2018;Selective hegemony and beyond-populations with &#x201C;no productive function&#x201D;. A framework for enquiry&#x2019;, <italic>Identities</italic> 18:1 (2011) 2-38.</p></fn>
<fn id="fn16" symbol="16"><p><italic>Ibid.</italic>, 6.</p></fn>
<fn id="fn17" symbol="17"><p><italic>Ibid.</italic>, 25.</p></fn>
<fn id="fn18" symbol="18"><p>Zie Anne-Ruth Wertheim, <italic>De poster met de blauwe ogen. Getuigenissen tegen rassenwaan</italic> (Amsterdam 2020).</p></fn>
<fn id="fn19" symbol="19"><p>Zie Don Kalb, &#x2018;Introduction: Headlines of nation, subtexts of class. Working-class populism and the return of the repressed in neoliberal Europe&#x2019;, in: Don Kalb en Gabor Halmai (red.), <italic>Headlines of nation, subtexts of class</italic> (Londen/New York 2011).</p></fn>
<fn id="fn20" symbol="20"><p>David Priestland, <italic>The red flag. A history of communism</italic> (New York 2009).</p></fn>
<fn id="fn21" symbol="21"><p>Luisa Steur, <italic>Indigenist mobilization. Confronting electoral communism and precarious livelihoods in post-reform Kerala</italic> (Londen/New York 2017) 119.</p></fn>
<fn id="fn22" symbol="22"><p>Voor een kritische analyse zie Alejandro de la Fuente, <italic>A nation for all. Race, inequality and politics in twentieth century Cuba</italic> (Durham NC 2001).</p></fn>
<fn id="fn23" symbol="23"><p>Zie Dilip Menon, &#x2018;Being a Brahmin the Marxist way. EMS Namboodiripad and the pasts of Kerala&#x2019;, in: Idem, <italic>The blindness of insight. Essays on caste in modern India</italic> (Delhi 2006).</p></fn>
<fn id="fn24" symbol="24"><p>Zie Devyn Spence Benson, <italic>Antiracism in Cuba. The unfinished revolution</italic> (Chapel Hill 2016).</p></fn>
<fn id="fn25" symbol="25"><p>Zie De la Fuente, 317 ff.</p></fn>
<fn id="fn26" symbol="26"><p>Zie ook Luisa Steur, &#x2018;Class analysis across the &#x201C;capitalist/communist&#x201D; divide. Practicing the anthropology of labor in Kerala and Cuba&#x2019;, in: S. Kasmir en L. Gill (red.), <italic>The Routledge handbook of the anthropology of labor</italic> (Abingdon 2022) 107-118.</p></fn>
<fn id="fn27" symbol="27"><p>Breman, <italic>Kolonialisme en racisme,</italic> 397.</p></fn>
</fn-group>
</back>
</article>