<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (NISO Z39.96-2019) Journal Publishing DTD v1.2 20190208//EN" "https://jats.nlm.nih.gov/publishing/1.2/JATS-journalpublishing1-mathml3.dtd">
<article dtd-version="1.2" xml:lang="nl" xmlns:mml="http://www.w3.org/1998/Math/MathML" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">tseg</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>The Low Countries Journal of Social and Economic History</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="ppub">1572-1701</issn>
<issn pub-type="epub">2468-9068</issn>
<isbn publication-format="ppub">978 94 6270 386 5</isbn>
<publisher>
<publisher-name>Leuven University Press</publisher-name>
<publisher-loc>Leuven, Belgium</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">tseg.14446</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.52024/tseg.14446</article-id>
<article-categories>
<subj-group subj-group-type="heading">
<subject>Book Reviews</subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Dirk H.A. Kolff, <italic>Frans Naerebout (1748-1818) en het Vlissingen van zijn tijd. Loods en burger van een stad in verval</italic> (Zutphen: Walburg Pers, 2022). 510 p. ISBN 9789462498396.</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>Francke</surname>
<given-names>Johan</given-names>
</name>
<aff>Zeeuwse Bibliotheek Middelburg</aff>
</contrib>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>08</month>
<year>2023</year>
</pub-date>
<volume>20</volume>
<issue>2</issue>
<fpage>185</fpage>
<lpage>187</lpage>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00a9; Johan Francke</copyright-statement>
<copyright-year>2023</copyright-year>
<copyright-holder>Johan Francke</copyright-holder>
</permissions>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>Van roem alleen kun je niet leven, althans niet in de achttiende eeuw. Frans Naerebout zou nu een ideale zeeheld zijn. Een mensenredder die geen militaire acties ondernam, geen politieke drijfveren had, noch bedrijven actief hielp koloni&#x00EB;n te exploiteren. Een bedaard en ingetogen persoon die desgewenst duidelijk zijn mening gaf, sober leefde en zich van bijzaken afzijdig hield. Of zouden er toch mensen aanstoot aan nemen dat hij als loods diende bij de VOC en de marine?</p>
<p>Naerebout is vooral bekend vanwege het (samen met zijn broer Jacob) redden van 87 opvarenden van het in 1779 voor de kust van Walcheren verongelukte VOC-schip <italic>Woestduin</italic>, maar speelde als loods ook een belangrijke rol in het mislukken van de door geldroof gedreven muiterij op het VOC-schip <italic>Berbestein</italic> in 1786; in het redden van het VOC-schip <italic>Zuiderburg</italic> in 1788/89 door met een galjoot en kabels het schip aan de achterzijde bij te sturen nadat het roer verloren was gegaan en met het loswerken van een zandbank bij Texel van het VOC-schip <italic>Voorland</italic> in 1794. Het bijzondere aan dit boek is dat het niet alleen een persoonlijke biografie is, maar tevens die van de stad Vlissingen gedurende Naerebouts leven; en juist die dubbeling van onderwerpen maakt het zeer boeiend. Het boek is een standaardwerk geworden voor het Vlissingen in de periode 1770-1815, een tijdvak waarin de stad van aanvankelijk kort oplevende economische bloei in de meest intensieve periode van de slavenhandel (ca. 1755-1775) snel afglijdt naar een stad in verval en armoede (1780-1815), een gegeven dat schrijvers over de slavenhandel doorgaans onvermeld laten omdat het schuurt met de vermeende hausse ervoor. Je zou als lezer dus verwachten dat leven en werk van Naerebout vervlochten worden met de stadsgeschiedenis, maar dat blijkt amper het geval. Kolff beschrijft de politieke, militaire, economische en religieuze ontwikkelingen van de stad, maar slaagt er slechts zelden in het leven van Naerebout en zijn gezin daarin te kapselen. Uiteraard moeten de bronnen zich daartoe lenen en Naerebout heeft hierover zelf zo goed als niets nagelaten.</p>
<p>Kolff doorloopt het leven van Naerebout chronologisch, maar omdat hij tegelijk de geschiedenis van de stad beschrijft moet hij in volgende paragrafen nogal eens een sprong terug in de tijd maken. Dat kan tot verwarring bij de lezer leiden omdat jaartallen daartoe wat duidelijker in de tekst verwerkt hadden mogen worden. De stadsgeschiedenis wordt in detail beschreven, zoals bijvoorbeeld fraai gebeurt in het geval van commandant Monnet die met belastingfraude de Vlissingers afperst, de viering van de tweehonderdjarige bevrijdingsfeesten in 1772, de protesten tegen de psalmberijming en de komst van een katholieke kerk in de stad in 1778 en het verbod op de jeneverhandel in 1803. Tegelijk wordt in deze stukken (te) lang uitgeweid over soms triviale zaken. Is het bij de laatste werkgever van Naerebout wel noodzakelijk om eerst een verhandeling van twintig pagina&#x2019;s (p. 360-380) te besteden aan de bakengelden, de plaatsing van bakens en de bouw van een wachtershuisje? Dat had met het oog op het hoofdthema beknopter gekund.</p>
<p>Het boek is na een voorwoord en inleiding opgezet in zes delen die elk uit een vijftal of meer hoofdstukjes bestaan. De eerste twee delen handelen over de gebroeders Frans en Jacob Naerebout en hun stadgenoten, de befaamde reddingsactie bij de <italic>Woestduin</italic>, de Vierde Engelse Oorlog en de patriottentijd. Daarna wordt ingegaan op de Bataafse tijd en in het vierde deel de flottielje, de armoede, stank en smokkelhandel van de stad. Vervolgens verkast Naerebout na een werkzaam leven als loods en visser in Vlissingen (hij werd overigens geboren te Veere) naar de lichtbaak op Oost-Beveland om zijn laatste levensjaren te slijten als lantaarnopsteker en havenmeester van het Goese sas en wordt hij, in armoede vervallen, nog juist voor zijn dood opnieuw gelauwerd. Er is een uitgebreid nawoord, waarin nadrukkelijk de postume eerbewijzen en zijn standbeeld aan bod komen. Het boek bevat verder een fotoverantwoording, literatuurlijst en register. De beeldredactie van dit boek werd verzorgd door Ad Tramper: Bevelander en gemeentearchivaris van Vlissingen. Een betere keuze dan deze was niet denkbaar geweest want dit boek ontleent naast de gedegen en doorwrochte tekst evenzeer zijn status aan de vele mooie en passende afbeeldingen van plattegronden, kaarten en (technische) tekeningen. Aan dit fraai vormgegeven vuistdikke boek is zichtbaar met passie gewerkt door auteur Dirk Kolff (1938). Deze was tot zijn pensionering in 2003 hoogleraar Moderne Geschiedenis van Zuid-Azi&#x00EB; aan de Universiteit Leiden. Zijn band met het onderwerp ligt evenwel minder ver dan dit vakgebied, want hij groeide op in Vlissingen als zoon van burgemeester Mr. B. Kolff, die de stad bestuurde in de wederopbouwjaren 1946-1967.</p>
<p>Er is door de uitgever voor gekozen om de verantwoording van archiefbronnen en literatuur niet in het boek zelf op te nemen. Deze staan in een beredeneerde bibliografie die via de site van de uitgever raadpleegbaar is. Dat vormt geen probleem in een gedrukte versie, maar die bronnen zijn lastig vindbaar als dat in een pdf-document zit waar je online doorheen moet scrollen en er geen verwijzing naar de betreffende paginanummers in het boek bij zit. De &#x2018;<italic>leesbaarheid en omvang</italic>&#x2019; lijken me evenwel niet de reden voor de beredeneerde bibliografie in pdf. Er zijn de afgelopen jaren tientallen historische boeken uitgegeven met een groter notenapparaat (de bronnen van dit boek tellen zeventig pagina&#x2019;s) en noten lees je niet om de leesbaarheid maar voor de bronverwijzing. Het valt dan ook te betreuren dat de uitgever niet het belang inziet van het bij elkaar uitgeven van noten en onderzoeksgegevens samen met de hoofdtekst. Want bestaat die online toegang over tien jaar nog? Dat lijkt me discutabel. Desondanks mag deze publicatie worden gezien als een standaardwerk waarin biografisch portret en stadsgeschiedenis van een tijdvak soms naast elkaar oplopen en soms een symbiose vormen.</p>
</body>
</article>