<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!DOCTYPE article PUBLIC "-//NLM//DTD JATS (NISO Z39.96-2019) Journal Publishing DTD v1.2 20190208//EN" "https://jats.nlm.nih.gov/publishing/1.2/JATS-journalpublishing1-mathml3.dtd">
<article dtd-version="1.2" xml:lang="nl" xmlns:mml="http://www.w3.org/1998/Math/MathML" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance">
<front>
<journal-meta>
<journal-id journal-id-type="publisher-id">tseg</journal-id>
<journal-title-group>
<journal-title>The Low Countries Journal of Social and Economic History</journal-title>
</journal-title-group>
<issn pub-type="ppub">1572-1701</issn>
<issn pub-type="epub">2468-9068</issn>
<isbn publication-format="ppub">978 94 6270 399 5</isbn>
<publisher>
<publisher-name>Leuven University Press</publisher-name>
<publisher-loc>Leuven, Belgium</publisher-loc>
</publisher>
</journal-meta>
<article-meta>
<article-id pub-id-type="publisher-id">tseg.18028</article-id>
<article-id pub-id-type="doi">10.52024/tseg.18028</article-id>
<article-categories>
<subj-group subj-group-type="heading">
<subject>Book Reviews</subject>
</subj-group>
</article-categories>
<title-group>
<article-title>Alan Moss, <italic>Gemaakt op reis. Nederlandse jongeren op reis in de zeventiende eeuw</italic> (Hilversum: Uitgeverij Verloren, 2023). 438 p. ISBN 97894550047.</article-title>
</title-group>
<contrib-group>
<contrib contrib-type="author">
<name>
<surname>Budding</surname>
<given-names>Janneke</given-names>
</name>
<aff>auteur historische non-fictie</aff>
</contrib>
</contrib-group>
<pub-date pub-type="epub">
<month>11</month>
<year>2023</year>
</pub-date>
<volume>20</volume>
<issue>3</issue>
<fpage>217</fpage>
<lpage>219</lpage>
<permissions>
<copyright-statement>&#x00a9; Janneke Budding</copyright-statement>
<copyright-year>2023</copyright-year>
<copyright-holder>Janneke Budding</copyright-holder>
</permissions>
</article-meta>
</front>
<body>
<p>De langdurige cultureel-educatieve reis die jonge mannen van stand vooral in de achttiende eeuw maakten naar met name Frankrijk en Itali&#x00EB; is bekend geworden als de <italic>Grand Tour,</italic> meestal uitgesproken op z&#x2019;n Engels. Het waren in eerste instantie namelijk overwegend Britten die een dergelijke buitenlandse reis ondernamen. Vandaar dat de Engelse term voor zo&#x2019;n onderneming opgeld heeft gedaan. Alan Moss heeft voor <italic>Gemaakt op reis. Nederlandse jongeren op reis in de zeventiende eeuw</italic> gekozen voor de term &#x2018;educatiereis&#x2019; omdat hij van mening is dat &#x2018;Grand Tour een modern etiket is dat historici op een reistraditie plakken&#x2019;. De reislustige jongelieden die Moss ten tonele voert in dit boek zijn allen van adel of afkomstig uit het patriciaat. Ze worden standaard begeleid door een ingehuurde tutor, die verantwoordelijk geacht wordt voor het educatieve peil van de reis. Hoewel het aantal jonge vrouwen uit die kringen dat op educatiereis ging slechts een fractie was van het aantal jonge mannen, besteedt de schrijver terecht ook aandacht aan hen. In afzonderlijke delen van het boek komen de aard en omvang van educatiereizen in de zeventiende eeuw aan de orde, de voornaamste bestemmingen (met name in Frankrijk en Itali&#x00EB;), met extra aandacht voor steden die beschouwd werden als de &#x2018;kroonjuwelen&#x2019; van zo&#x2019;n langdurige en kostbare buitenlandse reis: Parijs, Rome en Florence.</p>
<p>Dat zo&#x2019;n reis in die tijd een risicovolle onderneming was, blijkt uit het deel dat ingaat op de gevaren en ontberingen waarmee de adellijke reizigers onderweg geconfronteerd werden. Die varieerden van een bed vol ongedierte, een maaltijd bestaande uit stinkende vis, tot aangevallen worden door struikrovers. Terwijl de contacten met prostituees weer andere gevaren opleverden. De route naar Itali&#x00EB; via de Alpen, soms per rijtuig, soms per draagstoel of te paard, was riskant. Smalle paden langs diepe ravijnen, sneeuw en ijs wanneer je de top naderde, rijtuigen die het tijdens zo&#x2019;n barre oversteek begaven: de Nederlandse jongeren schreven er graag over naar het thuisfront, en dikten de doorstane gevaren dan graag nog een beetje aan.</p>
<p>Zowel in Frankrijk als in Itali&#x00EB; was het katholicisme de staatsgodsdienst. Voor de protestantse Nederlandse reizigers was dit een verwerpelijke religie. Ze pasten echter wel op om hun afkeuring ter plekke te uiten. Dat deden ze in hun aantekeningen echter wel. Doel van de educatiereis was het vormen van de jonge reiziger tot een &#x2018;<italic>parfait gentilhomme</italic>&#x2019;, die na terugkeer in Nederland zijn taken op het gebied van bestuur en beheer mede tot eer van zijn familie zou kunnen vervullen. Om dat doel te bereiken werden ontmoetingen gearrangeerd met bestuurders en diplomaten in den vreemde en zo mogelijk audi&#x00EB;nties bij vorsten. Met name in Parijs namen de jonge reizigers daarnaast les in schermen, paardrijden en dansen, nadat ze zich eerst een complete nieuwe garderobe naar de laatste Parijse mode hadden laten aanmeten. Hun ouders, de financiers van dat alles, wilden er zeker van zijn dat hun investering vrucht zou dragen. Daarom eisten zij vaak dat hun zoon hen regelmatig per brief op de hoogte bracht van zijn educatieve taken. Deed hij dat niet of onvoldoende in de ogen van zijn ouders, dan kon de zoon rekenen op een schriftelijke uitbrander.</p>
<p>Centraal in <italic>Gemaakt op reis. Nederlandse jongeren op reis in de zeventiende eeuw</italic> staan de reisjournalen die deze jongeren schreven over hun educatiereis. Deze reisjournalen waren hoofdzakelijk bedoeld als een verantwoording achteraf voor de lange buitenlandse reis en het positieve effect daarvan op de schrijver. In de meeste gevallen werd zo&#x2019;n reisjournaal geschreven na terugkomst in Nederland, op basis van tijdens de reis gemaakte aantekeningen. Het document werd niet alleen gelezen door de ouders van de reiziger maar circuleerde vervolgens in de kring van verwanten en kennissen. Het is, gezien dat lezerspubliek, niet verwonderlijk dat lang niet alle aantekeningen gemaakt op reis hun neerslag vonden in het reisjournaal. Dat gold bij voorbeeld voor de passages &#x2013; in geheimtaal &#x2013; in het dagboek van onder anderen Constantijn Huygens jr., waarin de geneugten van de bezoekjes aan de plaatselijke dames van lichte zeden worden beschreven. Uitgebreide beschrijvingen van kerken, vaak voorzien van persoonlijk opgenomen afmetingen, schilderijen en beelden (hoofdzakelijk uit particuliere collecties) en van ru&#x00EF;nes van tempels uit de Romeinse oudheid vormen het hoofdbestanddeel van de reisjournalen.</p>
<p><italic>Gemaakt op reis. Nederlandse jongeren op reis in de zeventiende eeuw</italic> is de publieksversie van het proefschrift dat Alan Moss schreef met als titel <italic>A traveller&#x2019;s identity in Dutch Grand Tour Accounts of the Seventeenth Century.</italic> Hiervoor gebruikte de schrijver overigens dus w&#x00E9;l de term &#x2018;Grand Tour&#x2019;. Het is, gezien de academische oorsprong, niet verwonderlijk dat ook deze publieksversie zowel breed als diep van opzet is. Dat blijkt onder meer uit de omvang van het nawerk, dat maar liefst 160 pagina&#x2019;s telt. Voor de algemene lezer is het taalgebruik bij wijlen te specialistisch, wat het leesgemak niet altijd ten goede komt. De breedheid aan thema&#x2019;s, de diepgang en de vele goed gekozen citaten uit brieven en dagboeken die het verhaal illustreren, maken dit boek desondanks tot een bijzonder interessante verhandeling over het thema. Het verdient dan ook een passender en aantrekkelijker omslag en titel dan de voorliggende editie.</p>
</body>
</article>